|
2 Dec 2008, 10:07 PM
Successierecht
Het is mogelijk dat u na het overlijden van een erflater successierecht moet betalen. Dit hangt af van:
de waarde van uw verkrijging uit de nalatenschap;
uw relatie tot de overledene (bijvoorbeeld of u wel of geen familie bent).
Ga altijd eerst na waarover u successierecht moet betalen. Voorzover de verkrijging het vrijgestelde bedrag overtreft, betaalt u successierecht.
Woonde de overledene in Nederland?
U betaalt alleen successierecht als de overledene op het moment van overlijden in Nederland woonde.
Let op!
Voor het successierecht woonde de overledene ook in Nederland als hij een Nederlander was die nog geen 10 jaar buiten Nederland woonde.
In bijzondere gevallen kan ook successierecht worden geheven als de overledene op het moment van overlijden buiten Nederland woonde. Dit is bijvoorbeeld het geval als hij onroerende zaken in Nederland nalaat. Over de waarde daarvan wordt dan het zogenoemde recht van overgang geheven bij de verkrijger, ongeacht waar deze woont. Dit is een belasting die te vergelijken is met het successierecht. Het tarief van het recht van overgang is gelijk aan dat van het successierecht, maar er gelden voor de verkrijgers geen vrijstellingen. Voor deze bijzondere gevallen kunt u contact opnemen met Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland in Heerlen.
Als de overledene in het buitenland woonde, kunnen de verkrijgers in bepaalde gevallen kiezen voor heffing op grond van het recht van successie in plaats van het recht van overgang. De notaris en Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland in Heerlen kunnen u informeren over de voorwaarden en de voordelen van deze keuze.
Als de overledene in het buitenland woonde en/of de verkrijger in het buitenland woont, is het belangrijk om contact op te nemen met een notaris of met de Belastingdienst. Het kan namelijk zijn dat u ook in het buitenland successierecht moet betalen. De Belastingdienst of de notaris kan u vertellen of er mogelijkheden zijn om het betalen van ‘dubbele’ belasting te voorkomen.
Wat behoort tot de nalatenschap?
Allereerst zal er een overzicht moeten worden gemaakt van de nalatenschap van de overledene. In dit overzicht worden niet alleen de bezittingen beschreven, maar ook de schulden.
Wanneer de overledene tijdens zijn leven schenkingen heeft gedaan aan afstammelingen die zijn erfgenaam zijn, moeten deze schenkingen worden ‘ingebracht’. ‘Inbrengen’ betekent dat de waarde van deze schenkingen wordt opgeteld bij de waarde van de nalatenschap. De afstammelingen die erfgenamen zijn, hoeven schenkingen niet in te brengen als zij daarvan uitdrukkelijk zijn vrijgesteld door de overledene. Andere erfgenamen die schenkingen van de overledene hebben ontvangen, hoeven deze schenkingen alleen in te brengen als dit door de overledene bedongen is. Na het inbrengen van de schenkingen vindt de verdeling van de erfenis plaats. De erfgenamen krijgen op deze manier in principe een gelijke portie.
Als er een testament is gemaakt, kunnen bepaalde bloedverwanten een beroep doen op hun wettelijk erfdeel. Zo’n beroep kan de verdeling die het eventuele testament aangeeft, beïnvloeden.
Fictieve verkrijging.
Iemand kan als gevolg van een overlijden iets verkrijgen, zonder dat er sprake is van een verkrijging volgens het erfrecht. In sommige gevallen worden deze verkrijgingen voor het successierecht gelijkgesteld met verkrijgingen volgens het erfrecht, de zogenoemde fictieve verkrijging. Ook van deze fictieve verkrijgingen moet aangifte voor het successierecht worden gedaan.
Enkele voorbeelden van fictieve verkrijgingen zijn:
een uitkering van een levensverzekering die men ontvangt als gevolg van het overlijden van de erflater. Door de betaling van de premies voor deze verzekering moet het vermogen van de erflater zijn verminderd;
de verkoop van het huis onder voorbehoud van het recht van gebruik en bewoning. Deze verkoop vindt vaak plaats tussen ouders en kinderen. Wanneer dit recht eindigt door het overlijden van de ouders, wordt successierecht geheven over de waarde van het huis verminderd met de koopsom die de kinderen betaalden en 6% rente over deze koopsom. De rente wordt berekend van de dag van betaling tot de dag van overlijden. Dit geldt alleen voor:
- bloedverwanten tot en met de vierde graad;
- echtgenoten van deze bloedverwanten;
- de fiscaal partner en samenwoners.
de verkrijging van een vermogensbestanddeel van de erflater tijdens diens leven, terwijl de erflater zelf het genot daarvan behield. Dit geldt alleen voor:
- bloedverwanten tot en met de vierde graad;
- echtgenoten van deze bloedverwanten;
- de fiscaal partner en samenwoners.
alles wat binnen 180 dagen voor het overlijden door de overledene is geschonken. Dit geldt niet voor:
- schenkingen van een ouder aan een kind, waarbij een beroep is gedaan op de verhoogde schenkingsvrijstelling die geldig is voor 1 kalenderjaar;
- giften waarover bij de verkrijger inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen of een voorheffing van die belasting (loon- of dividendbelasting) wordt geheven;
- schenkingen die gedaan zijn om te voldoen aan een zogenoemde natuurlijke verbintenis.
Waarde van de nalatenschap.
Omdat een nalatenschap meestal niet alleen uit geld bestaat, is de waarde van de nalatenschap vaak niet zonder meer vast te stellen. De waarde van de verkregen zaken is het bedrag dat deze zaken zouden hebben opgebracht als ze op de dag van het overlijden aan de meest biedende zouden zijn verkocht.
De waarde van de nalatenschap wordt bepaald door de waarde van de bezittingen te verminderen met de waarde van de schulden. De waarde van een verkrijging uit de nalatenschap wordt op overeenkomstige wijze bepaald. Als er aan uw verkrijging schulden en/of lasten verbonden zijn, moet u bepalen wat de nettoverkrijging is. Het successierecht wordt namelijk geheven over de nettoverkrijging. De nettoverkrijging is de waarde van de verkrijging die de verkrijger voor zichzelf overhoudt, nadat de waarde van de schulden en de lasten van de verkrijging zijn afgetrokken. Zie ook het onderdeel Schulden, legaten en lasten.
Voorbeeld
De erflater laat iemand een huis na waarop een hypotheek rust die nog niet helemaal is afgelost. De nettoverkrijging is de waarde van het huis verminderd met het bedrag van de hypotheek dat nog moet worden afgelost. Als u niet weet wat de waarde van de zaken is, kunt u ze laten taxeren. Taxatie is verplicht als zich onder de erfgenamen personen bevinden die minderjarig zijn, die onder curatele zijn gesteld of die niet het vrije beheer over hun bezittingen hebben. Wanneer besloten wordt tot taxatie, kan de gemachtigde of de notaris daarvoor opdracht geven aan een of meer deskundigen. De deskundigen worden in overleg met de erfgenamen gekozen of soms door de kantonrechter aangewezen.
De taxatiekosten zijn voor rekening van de opdrachtgever (dat kunnen de gezamenlijke erfgenamen zijn) en zijn niet aftrekbaar in de nalatenschap.
Over de waarde van bepaalde zaken kan met de Belastingdienst een bindende afspraak worden gemaakt. Zo’n overeenkomst tot minnelijke waardering kan worden gesloten over:
onroerende zaken;
schepen;
incourante effecten;
roerende zaken waarvan de waardebepaling moeilijkheden oplevert, zoals kunstvoorwerpen, machines en verzamelingen.
Meer informatie
Meer informatie kunt u krijgen bij uw belastingkantoor.
Eigen woning
De waarde van de woning die het eigendom was van de overledene, is de waarde van de woning in vrij opleverbare (onbewoonde) staat.
Effecten
De waarde van effecten die op de beurs zijn genoteerd, is de waarde die staat vermeld in de slotnotering van de Officiële prijscourant die geldt op de dag die vooraf gaat aan de dag van het overlijden. Als de effecten niet in de prijscourant voorkomen, is de waarde van deze effecten het bedrag dat zij zouden hebben opgebracht als ze op de dag van het overlijden aan de meest biedende zouden zijn verkocht.
Speciale waarderingsregels
Voor bepaalde bezittingen uit de nalatenschap gelden speciale waarderingsregels. Voorbeelden van deze bezittingen zijn: een onderneming, vermogen belast met een vruchtgebruik en vruchtgebruik van een bepaalde zaak.
Schulden, legaten en lasten.
Een nalatenschap kan ook schulden, begrafenis- of crematiekosten, legaten of lasten bevatten die van invloed zijn op de verkrijging.
Schulden
De waarde van de bezittingen van de overledene moet worden vastgesteld, maar ook moet worden nagegaan wat de schulden van de overledene zijn. Een schuld kan bijvoorbeeld een (hypothecaire) lening zijn. Schulden zijn verder nog niet betaalde belastingen en premie volksverzekeringen, ook als nog geen aanslagen zijn opgelegd.
Let op!
Het kan voorkomen dat de erflater zoveel schulden had, dat de nalatenschap een financieel nadeel oplevert voor de erfgenamen. Als zij geen nadeel willen ondervinden, kunnen zij de nalatenschap verwerpen. Als de erfgenamen nog niet zeker weten of de nalatenschap een financieel nadeel oplevert, kunnen zij de nalatenschap onder het voorbehoud van boedelbeschrijving aanvaarden. Dit heet ook wel beneficiair aanvaarden. In zo’n geval blijven de erfgenamen wel erfgenaam, maar kunnen zij voor de schulden niet verder worden aangesproken dan er opbrengsten zijn. Voor beneficiair aanvaarden of verwerpen van een nalatenschap gelden speciale regels. In beide gevallen moet u contact opnemen met een notaris.
Begrafenis- of crematiekosten
De begrafenis- of crematiekosten zijn aftrekbaar van de nalatenschap als zij niet buitensporig zijn. De uitkeringen van begrafenis- of crematiefondsen moeten van deze kosten worden afgetrokken.
Legaten
Een testament of een codicil kan legaten bevatten. In een legaat wordt een persoon aangewezen die bepaalde zaken krijgt. De erfgenamen moeten hem deze zaken geven. De waarde van de legaten moet van de nalatenschap worden afgetrokken, voordat die wordt verdeeld over de erfgenamen. De verkrijgers zijn over deze legaten successierecht verschuldigd.
Lasten verbonden aan de verkrijging
Soms zijn er lasten verbonden aan de verkrijging. De erflater heeft de verkrijger dan verplicht om iets te doen (bijvoorbeeld het verzorgen van de graven van de familie van de erflater), iets niet te doen (bijvoorbeeld het niet renoveren van een oud pand), iets te geven (bijvoorbeeld een bepaald boek aan een derde afstaan) of een deel van de verkrijging op een bepaalde wijze te besteden.
Als het voldoen aan de lasten in het voordeel is van een aanwijsbare derde (of aanwijsbare derden), zijn de lasten aftrekbaar van de verkrijging. De nettoverkrijging is in dit geval dus de waarde van de totale verkrijging verminderd met de waarde van de lasten. Derden die het voordeel van de last genieten, moeten over dat voordeel successierecht betalen.
Voorbeeld 1
Een erflater laat een schilderij na en bepaalt dat de verkrijger van dat schilderij een bepaald bedrag aan geld aan een bij naam genoemde derde af moet staan. De nettoverkrijging van de verkrijger van het schilderij is de waarde van het schilderij min het afgestane geldbedrag. De derde moet over de verkrijging van het geldbedrag successierecht betalen.
Als de last die aan een verkrijging is verbonden niet in het voordeel is van een aanwijsbare derde, kan de last niet van de verkrijging worden afgetrokken. De nettoverkrijging bestaat in dit geval uit de hele verkrijging.
Voorbeeld 2
Een erflater laat iemand een geldbedrag na en bepaalt dat de verkrijger het bedrag moet besteden aan de opvang van zwerfkatten. Deze last is niet in het voordeel van de verkrijger of een aanwijsbare derde. In dit geval bestaat de nettoverkrijging uit het hele geldbedrag.
Vrijstelling.
Een vrijstelling betekent dat over een bepaald bedrag geen successierecht hoeft te worden betaald. De grootte van de vrijstelling is afhankelijk van uw relatie tot de overledene. Er zijn echter nog een paar bijzonderheden:
Soms laat een werkgever (of diens echtgenoot) iets na aan een werknemer (of aan een nabestaande van een werknemer), omdat er voor die werknemer aan de dienstbetrekking geen of een geringe pensioenaanspraak was verbonden. Over zo’n erfrechtelijke verkrijging is geen successierecht verschuldigd als de werkgever hiermee voldoet aan een morele verplichting.
Vaak wordt na het overlijden aan de nabestaanden nog loon van de overledene uitbetaald. Deze bedragen zijn vrij van successierecht tot een bedrag van ten hoogste driemaal het laatst verdiende maandloon.
Verkrijgingen door (steunstichtingen van) musea zijn onder voorwaarden vrijgesteld. Belastingdienst/Oost-Brabant/kantoor ’s-Hertogenbosch kan u meer informatie geven over die voorwaarden.
U hoeft geen successierecht te betalen over nabestaandenpensioen dat op grond van een pensioenregeling wordt uitbetaald. De vrijstelling wordt echter in principe verminderd met (een deel van) de waarde van dit pensioen. Meer informatie vindt u in de toelichting bij de rekenhulp successierecht.
Let op!
Uitkeringen AOW en ANW zijn altijd volledig vrijgesteld.
Trefwoorden: Successierecht
|